Kunekune varken verzorgen: voeding, huisvesting en tips
Compleet caresheet
Kunekune varken verzorgen: de complete caresheet voor voeding, huisvesting en gezondheid
Met zijn ronde bouw, vriendelijke uitstraling en vaak opvallende kinlellen is het kunekune varken een bijzonder hobbyvarken. Dit oorspronkelijk Nieuw-Zeelandse ras staat bekend om zijn rustige karakter en de gewoonte om veel te grazen. Toch is een kunekune geen klein knuffeldier voor in huis. Het is een intelligent, sterk en sociaal varken dat veel ruimte, een soortgenoot, deskundige verzorging en een veilige buitenomgeving nodig heeft.
Wil je kunekune varkens houden, of ben je benieuwd of dit ras bij jouw erf past? In deze uitgebreide caresheet van Junai.nl lees je hoe je een geschikte weide en schuilstal inricht, welk voer je geeft, hoe je overgewicht herkent, hoe je dieren gezond en actief houdt en met welke regels je in Nederland rekening moet houden. Ook vind je een praktisch verzorgingsschema, veelgemaakte fouten en tien veelgestelde vragen.
Kunekune varken in het kort
| Kenmerk | Belangrijk om te weten |
|---|---|
| Ras | Kunekune, een ras van het gedomesticeerde varken (Sus scrofa domesticus) |
| Herkomst | Nieuw-Zeeland; nauw verbonden met de geschiedenis van de Māori |
| Volwassen gewicht | Veelal circa 60-100 kg, soms meer afhankelijk van bouw, geslacht en conditie |
| Schofthoogte | Vaak ongeveer 50-70 cm; individuele dieren verschillen |
| Levensverwachting | Reken op een langdurige verantwoordelijkheid, vaak circa 15 jaar en soms langer |
| Karakter | Doorgaans rustig, nieuwsgierig, leergierig en sterk sociaal |
| Groepshuisvesting | Minimaal twee compatibele varkens; een mens of ander diersoort is geen vervanging |
| Weide | Als praktische rasrichtlijn minstens circa 200 m² bruikbaar gras per dier; ruimer is beter |
| Schuilplek | Droog, goed geventileerd, tochtvrij, voldoende groot en met ruim stro |
| Voeding | Gras en geschikt ruwvoer, aangevuld met uitgebalanceerd voer voor hobbyvarkens |
| Bijzonderheid | Kan één of twee, soms geen, karakteristieke kinlellen (piri piri) hebben |
| Wetgeving Nederland | Onder andere UBN, oormerken, I&R-meldingen en registratie van verplaatsingen |
Let op: de genoemde weideoppervlakte is een praktische aanbeveling van de Nederlandse rasvereniging, geen universele wettelijke minimummaat. Grasgroei, bodem, groepsgrootte en het seizoen bepalen hoeveel ruimte werkelijk nodig is.
1. Is een kunekune varken geschikt voor jou?
Een kunekune kan een plezierig dier zijn voor mensen met een ruim erf, een geschikte weide en voldoende tijd. Het ras is vaak makkelijker in de omgang dan grote commerciële varkensrassen, maar heeft dezelfde basisbehoeften als ieder ander varken. Een biggetje dat vandaag gemakkelijk kan worden opgetild, groeit uit tot een krachtig dier dat met zijn snuit hekken kan verplaatsen en bij opwinding stevig kan duwen.
Stel jezelf vooraf deze vragen
- Heb je plaats voor minstens twee varkens? Een kunekune alleen houden is geen goede keuze.
- Beschik je over een geschikte grasweide? Een gewone stadstuin of klein gazon is doorgaans te beperkt.
- Kun je iedere dag verzorgen? Water controleren, voeren, observeren, mest verwijderen en de omheining nalopen horen bij de routine.
- Heb je ruimte voor een droog hok en een aparte modderplek? Ook bij slecht weer moeten de dieren kunnen kiezen waar ze verblijven.
- Kun je omgaan met modder, stro, geur en geluid? Een buitenverblijf vraagt onderhoud, vooral in natte winters.
- Is een dierenarts met varkenskennis bereikbaar? Regel dit voordat er een dier ziek wordt.
- Heb je de registratie en plaatselijke voorschriften gecontroleerd? Een hobbyvarken is juridisch nog altijd een varken.
Een kunekune is niet geschikt als zogenoemd teacup-varken, binnenhuisdier of onderhoudsvrije grasmaaier. Wil je vooral een dier dat binnenshuis leeft en eenvoudig overal mee naartoe kan, dan past een ander huisdier waarschijnlijk beter.
2. Herkomst en natuurlijke leefomgeving
Het kunekune ras ontwikkelde zich in Nieuw-Zeeland, waar de dieren bij Māori-gemeenschappen werden gehouden. De naam kunekune verwijst naar een ronde, stevige bouw. Hoe de voorouders precies in Nieuw-Zeeland terechtkwamen, is niet volledig vastgesteld; vermoedelijk speelden ingevoerde varkens uit verschillende herkomstgebieden een rol. Het is daarom nauwkeuriger om van de herkomst van het ras te spreken dan van één oorspronkelijke wilde leefomgeving.
In de twintigste eeuw werd het ras zeldzaam. Door gerichte inspanningen van liefhebbers en fokkers is een fokpopulatie behouden gebleven. Tegenwoordig zie je kunekunes bij hobbyhouders, op zorgboerderijen en bij liefhebbers van traditionele varkensrassen.
Voor het welzijn is vooral hun leefwijze belangrijk. Kunekunes besteden graag veel tijd aan grazen, snuffelen, onderzoeken en rusten in elkaars nabijheid. Ze benutten grasrijke terreinen goed, maar blijven alleseters. Ook dit ras wil af en toe wroeten, materiaal verplaatsen en interessante geuren onderzoeken. Een geschikte omgeving combineert daarom open grasland, schaduw, droog onderdak, een wroetgedeelte en afwisseling.
3. Uiterlijk, grootte en bijzondere kenmerken
Compacte bouw, maar beslist geen speelgoedformaat
Een volwassen kunekune heeft meestal een brede borst, korte tot middellange poten, een stevig lichaam en een relatief korte tot middelgrote snuit. Oren kunnen rechtop staan of naar voren hangen. De vacht is vaak duidelijk behaarder dan die van veel commerciële varkens en varieert van kort en glad tot lang, golvend of krullend.
Veel volwassen dieren wegen ongeveer 60-100 kg, maar een zwaar gebouwde beer of een dier met overgewicht kan daarboven uitkomen. Zowel aanleg als voeding en beweging beïnvloeden het uiteindelijke gewicht. De groei gaat bovendien lang door: de lichaamsbouw kan tot meerdere jaren na de biggenleeftijd veranderen. Ga bij de aanschaf dus uit van een volwassen varken en niet van het huidige formaat van de big.
Vachtkleuren en piri piri
- Kleur: onder meer zwart, bruin, crème, roodbruin en verschillende gevlekte of driekleurige patronen.
- Beharing: zowel korte als langere, soms krullende haren komen voor.
- Kinlellen: de typische piri piri hangen aan de onderzijde van de kaak. Niet elk dier heeft er twee.
- Snuit: gebouwd om te ruiken, grazen, zoeken en te wroeten.
- Beweging: een gezond dier moet gemakkelijk kunnen lopen, draaien en vlot overeind komen.
Een extreem korte snuit, ogen die schuilgaan achter overtollige huidplooien of een zeer zware lichaamsbouw zijn geen wenselijke schoonheidskenmerken. Kies bij aanschaf en fokkerij voor een functionele bouw en een goede conditie.
4. Karakter, gedrag en sociale behoeften
Kunekunes staan bekend om hun doorgaans vriendelijke en kalme temperament. Ze herkennen mensen, leren routines en communiceren met geluiden, lichaamshoudingen en geur. Toch kan ook een tam varken schrikken, zijn voer verdedigen of zich bedreigd voelen. Respect voor hun eigen ruimte blijft belangrijk.
Waarom minstens twee varkens?
Varkens leven van nature in sociale verbanden. Ze rusten dicht bij elkaar, wisselen informatie uit en zoeken contact. Een tweede kunekune biedt gedrag en communicatie die een mens, geit, schaap of hond niet kan vervangen. Geschikte combinaties zijn bijvoorbeeld twee zeugen, twee goed gesocialiseerde gecastreerde beren of een zeug met een gecastreerde beer. Karakter en eerdere ervaringen bepalen of dieren werkelijk bij elkaar passen.
Laat onbekende dieren niet direct zonder voorbereiding samen. Begin met contact door een veilige afscheiding, voer op afstand van elkaar en voorzie meer dan één rust- en voerplek. Observeer gedrag voordat je de dieren onder toezicht bij elkaar laat. Nieuwe dieren kunnen ziektekiemen meebrengen; bespreek een passende introductie- en gezondheidscontrole met de dierenarts.
Begrijp de lichaamstaal
- Ontspannen: rustig grazen, normaal snuffelen, gemakkelijk gaan liggen en ontspannen contact zoeken.
- Alert: hoofd omhoog, verstijven, staren of plots stoppen met eten bij een onbekend geluid.
- Spanning: aanhoudend wegduwen, luid roepen, herhaaldelijk dreigen, achtervolgen of niet meer bij de voerplek durven komen.
- Verveling of stress: voortdurend hekwerk bewerken, obsessief zoeken naar ontsnappingsroutes of herhaald stereotiep gedrag.
Kunekunes trainen
Werk met rustige, voorspelbare oefeningen en positieve beloning. Leer de dieren hun naam of een vast oproepsignaal herkennen, op een plek te wachten, mee te lopen naar een aparte ruimte en hun voeten te laten bekijken. Korte sessies zijn effectiever dan langdurig aandringen. Gebruik een kleine hoeveelheid van hun gewone dagrantsoen als beloning in plaats van extra calorierijke snacks.
Laat kinderen nooit zonder toezicht bij varkens en laat niemand met eten in de hand rennen of stoeien. Duw- en bijtgedrag moet je voorkomen met duidelijke routines, voldoende ruimte en rust rondom de voerbeurt.
5. Weide en buitenruimte inrichten
Hoeveel ruimte heeft een kunekune nodig?
De Kune Kune Vereniging Nederland noemt minimaal circa 200 m² gras per dier als praktische basis voor graasmogelijkheden. Voor twee dieren betekent dit ongeveer 400 m² bruikbare weide. Meer ruimte is wenselijk op natte, arme of intensief gebruikte grond. Denk bij voorkeur in meerdere percelen in plaats van één permanent belopen stukje.
De oppervlakte op zichzelf zegt niet alles. Op droge zandgrond groeit minder gras dan op voedselrijke grond, terwijl een drassig perceel sneller verandert in een moddervlakte. Ook schaduw, afwatering, de bereikbaarheid van het hok en de mogelijkheid om afwisselend percelen te laten herstellen tellen mee.
Een praktische indeling in vijf zones
- Graaszone: voldoende kort en schoon gras, liefst verdeeld in twee of meer wisselweides.
- Rustzone: een permanent toegankelijke, beschutte en droge stal.
- Voer- en drinkzone: een goed bereikbare, bij voorkeur deels verharde plek waar je gemakkelijk kunt schoonmaken.
- Wroet- en speelzone: een apart stuk grond of strooisel waarin natuurlijk zoekgedrag is toegestaan.
- Koelzone: schaduw en een onderhouden modderbad, gescheiden van het drinkwater.
Gebruik wisselbeweiding om grasherstel mogelijk te maken en de bodem minder zwaar te belasten. Neem delen tijdelijk uit gebruik wanneer ze diep zijn vertrapt of erg nat zijn. Zorg ook voor een bereikbare, stevige ondergrond waar klauwen kunnen afslijten, zonder dat de dieren voortdurend op harde stenen hoeven te staan.
Veilige afrastering
Een kunekune kan een houten hek losduwen of onder een slecht gespannen draad doorkruipen. Gebruik een degelijke, goed verankerde basisomheining met een veilig sluitbaar toegangshek. Een correct geïnstalleerde elektrische draad aan de binnenzijde, laag bij de grond en afgestemd op de dieren, kan helpen om duwen en wroeten aan het hek te beperken. Controleer ook of biggen nergens doorheen kunnen kruipen.
- Controleer palen, gaas, poorten, spanning en begroeiing langs stroomdraden regelmatig.
- Voorkom uitstekende draadeinden, scherpe metalen delen, openingen en punten waar een dier vast kan raken.
- Gebruik geen ongeschikt los net waarin dieren met snuit of poten verstrikt kunnen raken.
- Zorg dat onbevoegden en bezoekers de poort niet ongemerkt open kunnen laten.
- Voorkom contact met wilde zwijnen en onbeheerde varkens, zeker in gebieden met een verhoogd dierziekterisico.
Bij Junai.nl vind je materiaal voor een degelijke weideafrastering, waaronder schrikdraadapparaten, afrasteringspalen en afrasteringstesters. Kies het systeem op basis van de locatie en laat de installatie veilig uitvoeren.
6. Een goed varkenshok en een comfortabele schuilstal
Kunekunes kunnen veel buiten zijn, maar hebben altijd een droge, tochtvrije schuilplek nodig. In Nederland vormt langdurige nattigheid vaak een groter praktisch probleem dan een korte koude periode. Isolatie, ventilatie, een verhoogde vloer en royaal stro helpen de dieren comfortabel te rusten.
Eisen aan de schuilplek
- Droog: geen regeninslag, lekkages of optrekkend vocht.
- Tochtvrij maar geventileerd: frisse lucht zonder koude luchtstroom over de ligplaatsen.
- Voldoende groot: beide dieren moeten tegelijk languit kunnen liggen, opstaan en elkaar passeren.
- Veilige vloer: vlak, stroef, schoon te houden en zo ingericht dat de dieren niet op kale koude grond liggen.
- Ruim strobed: schoon, droog en voldoende diep om een behaaglijke ligplaats te maken.
- Goede toegang: geen scherpe drempels, gladde hellingen of nauwe doorgangen.
- Praktische indeling: de dieren kunnen de stal verlaten zonder langs een dominant groepslid te hoeven dringen.
Voor twee middelgrote volwassen kunekunes is een schuilruimte waarin ieder dier afzonderlijk kan draaien en languit liggen belangrijker dan één star cijfer. Een binnenvloer van ongeveer 8-12 m² kan voor een tweetal een bruikbaar ontwerpaanknopingspunt zijn, mits de inrichting en vrije buitenuitloop goed zijn. Dit is geen wettelijke minimumnorm en geen vervanging voor voldoende weide.
Plaats de stal op een hoger, goed drainerend deel van het terrein. Een overstek beschermt de ingang tegen slagregen. Voer- en ligplaatsen hoeven niet direct naast elkaar te liggen: varkens kiezen bij voldoende ruimte vaak zelf een plek voor hun mest, weg van hun bed.
Bekijk bij Junai.nl de categorie schuilstallen voor varkens. Controleer bij ieder model zelf of afmetingen, stevigheid, toegang en klimaat geschikt zijn voor jouw volwassen dieren.
7. Temperatuur, schaduw en het modderbad
Bescherm kunekunes tegen warmte
Varkens kunnen nauwelijks zweten en zijn gevoelig voor oververhitting. Zeker bij warm en vochtig weer hebben zij onmiddellijk toegang nodig tot schaduw, vers drinkwater en een koele ligplek. Een schuilstal die in de volle zon staat en slecht ventileert, kan te warm worden. Controleer daarom de temperatuur op de plek waar de dieren daadwerkelijk rusten.
Een modderbad helpt bij het afkoelen en hoort bij natuurlijk gedrag, ook wel zoelen genoemd. Maak een ondiepe, brede poel met waterige modder waarin beide dieren kunnen liggen zonder vast te komen zitten. Vul zo nodig bij en ververs vervuild water. Zorg daarnaast altijd voor een schone, droge ligplaats en een aparte drinkbak. Een modderpoel is geen vervanging voor drinkwater.
Bij zeer hoge temperaturen kun je extra beschutting organiseren, de dieren op het koelste moment voeren en extra alert zijn op ademhaling en gedrag. Zware benauwdheid, wankelen of instorten bij hitte is een spoedsituatie: schakel direct een dierenarts in en begin intussen voorzichtig met koelen volgens diens aanwijzingen.
Winter en natte perioden
Een gezond, volwassen en aan buitenleven gewend kunekune varken kan met passende huisvesting redelijk tegen koel weer. Natte vacht, tocht, modder en een bevroren drinkvoorziening zijn echter ongeschikt. Ververs nat stro, maak looproutes veilig en zorg dat water ook bij vorst beschikbaar blijft. Jonge biggen, magere dieren en zieke dieren hebben extra bescherming nodig. Bij aanhoudend slecht weer is een droge uitloop of tijdelijk afgesloten rustperceel bijzonder waardevol.
Seizoenscheck
| Seizoen | Belangrijkste aandachtspunten |
|---|---|
| Lente | Gras geleidelijk introduceren, omheining controleren, na natte winter bodem herstellen. |
| Zomer | Schaduw, modderbad, voortdurend drinkwater, ventilatie en dagelijkse controle op hittestress. |
| Herfst | Ruwvoer tijdig opbouwen, natte percelen ontzien, vervuilde ligplaatsen voorkomen. |
| Winter | Voldoende droog stro, vorstvrije wateraanvoer, slipvrije routes en passende energievoorziening. |
8. Verrijking: meer dan alleen een grasveld
Een kunekune die voldoende voer krijgt, wil nog steeds zoeken, onderzoeken en spelen. Verrijking is geen luxe, maar helpt om natuurlijk gedrag mogelijk te maken. Afwisseling werkt het best, zeker wanneer de weide in de winter minder aantrekkelijk is.
- Maak een wroethoek met schone aarde, grof zand of geschikt los strooisel.
- Verdeel een afgewogen deel van het dagelijkse rantsoen over meerdere veilige zoekplekken.
- Bied stevige, glad afgewerkte boomstammen of borstelpalen aan om tegenaan te schuren.
- Gebruik robuust en voor varkens ontworpen speelmateriaal dat niet in kleine stukken uiteenvalt.
- Leg veilige takken of bundels stro neer om te onderzoeken en te verplaatsen.
- Wissel verrijkingsmateriaal af, zonder de dieren voortdurend met nieuwe prikkels te overvallen.
Vermijd dun plastic, los touw, scherpe haken, splinterend hout, kleine voorwerpen en speelgoed dat kan worden ingeslikt. In de categorie speelgoed voor varkens vind je materiaal om de leefomgeving afwisselender in te richten.
9. Voeding: wat eet een kunekune varken?
Kunekunes staan bekend als goede grazers. Bij een gezonde grasmat kunnen zij een aanzienlijk deel van hun dagelijkse opname uit weidegras halen. Ze zijn echter omnivoren, geen herkauwers. Alleen gras garandeert niet automatisch alle benodigde eiwitten, aminozuren, mineralen en vitamines, zeker niet bij groei, slechte grasgroei, dracht of lactatie. Een uitgebalanceerd voer voor hobbyvarkens vormt daarom vaak een belangrijke aanvulling.
De vier pijlers van een goed rantsoen
- Gras: ruim beschikbaar in het groeiseizoen, op een schoon perceel zonder giftige planten.
- Ruwvoer: geschikt hooi, voordroog hooi van goede hygiënische kwaliteit of een passende ruwvoervervanger als gras schaars is. Stem structuur en opneembaarheid af op de dieren.
- Volledig varkensvoer: kies een product dat is bedoeld voor de leeftijd en het gebruiksdoel, bij voorkeur voor hobbyvarkens. Kijk naar het etiket en de voerinstructie.
- Vers drinkwater: dag en nacht bereikbaar, in een bak of drinkinstallatie die ook bij koud en warm weer betrouwbaar werkt.
Een gewone varkensmesterijbrok of voer voor hoogproductieve zogende zeugen is niet vanzelfsprekend de beste keuze voor een volwassen, niet-fokkend hobbyvarken. Te energierijk voer kan de conditie snel doen toenemen. Kies daarom niet uitsluitend op basis van de laagste prijs of het hoogste eiwitpercentage, maar op geschiktheid voor het dier.
Het assortiment voer voor varkens bij Junai.nl biedt een startpunt. Controleer altijd of het gekozen product qua samenstelling daadwerkelijk bij kunekunes en hun levensfase past.
Hoeveel voer per dag? Een indicatief voerschema
Er bestaat geen universele hoeveelheid krachtvoer die voor iedere kunekune goed is. De Kune Kune Vereniging Nederland noemt de onderstaande hoeveelheden als praktische richtpunten. Ze zijn geen voorschrift om blind te volgen: een voer met andere energiedichtheid, weinig gras, een drachtig dier of een veranderende lichaamsconditie vraagt een andere aanpak. Verdeel krachtvoer gewoonlijk over twee voerbeurten en volg het etiket van de gekozen voeding.
| Leeftijd / situatie | Indicatief krachtvoer per dier per dag | Waarop letten? |
|---|---|---|
| Big van circa 2-4 maanden | Rond 0,5 kg geschikte opfokvoeding | Geleidelijk spenen, juiste voedingsstoffen voor groei, kleine porties. |
| Jong dier van circa 4-9 maanden | Rond 0,75 kg passende voeding | Gestage groei, voldoende beweging en regelmatig conditie beoordelen. |
| Ouder jong dier | Individueel bepalen volgens voeradvies en conditie | De behoefte neemt niet bij elk dier in hetzelfde tempo toe of af. |
| Volwassen kunekune | Rond 1 kg als algemeen rasrichtpunt, soms minder of meer nodig | Weidekwaliteit, gewicht, voerwaarde en lichaamsconditie zijn leidend. |
| Drachtige of zogende zeug | Specifiek rantsoen, geen vaste algemene hoeveelheid | Laat behoefte afstemmen op drachtfase, conditie en het aantal biggen. |
| Senior of dier met overgewicht | Aangepast rantsoen na beoordeling | Voedingsstoffen behouden, energie zo nodig verminderen; geen crashdieet. |
Praktische tip: weeg het krachtvoer met een keukenweegschaal of voerschep die je eenmaal hebt geijkt. Een volle schep is geen vaste hoeveelheid in kilogrammen. Noteer iedere paar weken de conditie en pas alleen stapsgewijs aan. Een gewichtsverandering of plots verminderde eetlust kan ook op een gezondheidsprobleem wijzen.
Voerwijze voor een rustige groep
Voer bij voorkeur op twee voldoende ver uit elkaar liggende plekken zodat één dominant varken niet beide porties opeist. Zorg dat voer droog wordt bewaard en niet kan beschimmelen. Een afsluitbare voerton en stevige voer- en waterbakken voor varkens helpen bij de dagelijkse routine. Maak voerbakken schoon voordat resten gaan gisten of rotten.
10. Veilige traktaties en verboden voedingsmiddelen
Als aanvulling kun je kleine hoeveelheden geschikte, schone en rechtstreeks voor diervoeding bestemde groenten aanbieden, zoals wortel of courgette. Een klein stukje fruit kan als incidentele beloning dienen. Ook deze extra's tellen mee in het dagelijkse rantsoen. Maak van brood, zoet fruit of snoep geen dagelijkse basis.
Belangrijk voor Nederland: het is verboden varkens keukenafval en etensresten (swill) te voeren. Dat geldt ook voor hobbyvarkens en ook wanneer resten alleen plantaardig lijken. Geef dus geen maaltijdresten, etensresten van tafel, snijresten uit de keuken of voedsel dat met vlees of andere dierlijke producten in aanraking kwam. Dit verbod helpt ernstige dierziekten voorkomen. Gebruik uitsluitend veilig, daarvoor bestemd voer en producten die buiten de keukenketen zijn gebleven.
Wat vermijd je verder?
- Beschimmeld, bedorven of sterk verontreinigd voer.
- Vlees, vleesproducten, gekruide maaltijdresten en andere keukenresten.
- Zeer zoute producten en willekeurig aangeboden zout- of mineralenlikstenen.
- Grote hoeveelheden brood, zoete snacks en energierijke traktaties.
- Giftige sierplanten en snoeiafval, zoals taxus en rododendron.
- Onbekende planten, chemisch behandelde vegetatie en materiaal van bermen of vervuilde plaatsen.
Geef niet zonder advies extra vitamines, mineralen of ontwormingsmiddelen. Een volledig voer bevat doorgaans al een passende aanvulling; te veel van bepaalde mineralen kan eveneens schadelijk zijn. Bespreek bijzondere behoeften met een dierenarts of deskundig voedingsadviseur.
11. Drinkwater en vochtbehoefte
Volwassen varkens kunnen dagelijks meerdere liters water drinken. De behoefte varieert sterk door gewicht, ruwvoer, temperatuur en eventuele melkproductie. Reken daarom niet met één kleine emmer voor een hele dag, maar zorg voor een ruim en betrouwbaar aanbod en controleer meerdere keren per dag of het water daadwerkelijk bereikbaar is.
- Kies een zware, stabiele drinkbak of een degelijke automatische drinkvoorziening.
- Controleer dagelijks op vervuiling met modder, mest en voer.
- Test bij een drinknippel of er voldoende water uit komt, ook wanneer meerdere dieren drinken.
- Voorkom bevriezing van leidingen en bakken in de winter.
- Zorg bij warm weer voor extra watercapaciteit en een noodvoorziening.
- Laat meerdere dieren bij voorkeur gelijktijdig drinken zonder elkaar te verdringen.
Bekijk de drinkbakken voor stal en weide en kies een uitvoering die past bij de kracht en lichaamsgrootte van volwassen varkens.
12. Lichaamsconditie: voorkom overgewicht
De naam kunekune betekent niet dat een dier zo dik mogelijk hoort te zijn. Een ronde lichaamsvorm is normaal voor het ras, maar overmatige vetopslag kan de gewrichten, klauwen en mobiliteit belasten. Vooral een dier dat veel lekkers krijgt en weinig hoeft te lopen, kan geleidelijk te zwaar worden.
Gebruik naast de zichtbare lichaamsvorm vooral je handen. Bij een passende conditie moet je de ribben kunnen voelen zonder hard te drukken, terwijl de botten niet scherp uitsteken. Kijk of de ogen goed zichtbaar blijven, het dier soepel stapt en gemakkelijk gaat liggen en opstaat. Beoordeel ook de vetlaag rond schouders en staartaanzet. De beharing en rasbouw maken alleen kijken onbetrouwbaar.
Zo stuur je verantwoord bij
- Weeg rantsoenen en beperk extra traktaties.
- Zorg voor voldoende mogelijkheden om rustig te wandelen, grazen en zoeken.
- Vergelijk de lichaamsconditie periodiek met eerdere observaties en foto's.
- Verander de voeding geleidelijk en behoud een volwaardige samenstelling.
- Laat langdurig afvallen, plotseling vermageren of problemen met opstaan door een dierenarts beoordelen.
13. Gezondheid en dagelijkse verzorging
Kunekunes hebben, net als andere varkens, baat bij regelmatige observatie. Een varken dat plots niet voor voer opstaat, opvallend stil wordt of zich afzondert, moet serieus worden genomen. Juist doordat varkens klachten soms lang verbergen, is kennis van hun normale gedrag belangrijk.
Dagelijkse gezondheidscontrole
- Houding en beweging: loopt ieder dier normaal en zonder duidelijke pijn?
- Eetlust: eet en drinkt het varken zoals je gewend bent?
- Ademhaling: rustig, zonder aanhoudend hoesten of zichtbaar hijgen?
- Huid en vacht: geen forse schuurplekken, verwondingen of opvallende korsten?
- Ogen en snuit: geen aanhoudende uitvloeiing, zwelling of irritatie?
- Mest en urine: geen plotselinge diarree, verstopping of sterk veranderend patroon?
- Sociaal gedrag: is er voldoende rust bij voer, water en ligplek?
Klauwen en poten
Op zachte grond slijten varkensklauwen soms onvoldoende. Te lange of scheef afslijtende klauwen kunnen de stand van de poten beïnvloeden. Een droge, licht ruwe loopstrook helpt bij natuurlijke slijtage, maar vervangt geen controle. Laat klauwen wanneer nodig verzorgen door iemand met kennis van varkensklauwen. Train de dieren al op jonge leeftijd om de voeten vrijwillig te laten bekijken.
Huid, borstelen en parasieten
Borstelen is een rustig contactmoment waarop je ook de huid kunt controleren. Let op luizen, jeuk, kale plekken en korstvorming. Wormen, huidmijten en andere parasieten kunnen voorkomen, vooral bij buiten gehouden dieren. Overleg met een dierenarts over mestonderzoek, passende preventie en behandeling; routinematig zonder diagnose middelen geven is niet altijd de beste aanpak.
Gebit, slagtanden en oren
Controleer of het dier goed kauwt en geen voer laat vallen. Bij oudere dieren of beren kunnen tanden en slagtanden extra aandacht vragen. Zelf aan tanden slijpen of knippen is onveilig. Laat gebitsproblemen door een varkenskundige dierenarts beoordelen. Kijk bij de oren naar irritatie en vuil, zonder diep te reinigen met wattenstaafjes.
Vaccinatie en dierziekten
Vraag de dierenarts om een preventieplan dat past bij buitenhuisvesting, contactrisico en leeftijd. Bij varkens kan onder meer vaccinatie tegen vlekziekte onderwerp van gesprek zijn. De dierenarts bepaalt welke vaccinaties, controles en eventuele aanvullende maatregelen voor jouw dieren zinvol zijn. Houd nieuwe dieren eerst gescheiden volgens een passende introductiestrategie en voorkom onnodig contact met andere varkensbedrijven.
Ernstige besmettelijke ziekten, waaronder Afrikaanse en klassieke varkenspest, vallen onder specifieke meldregels. Bij plotseling ernstig zieke of onverwacht gestorven varkens, zeker met koorts of meerdere gelijktijdig zieke dieren, neem je onmiddellijk contact op met de dierenarts en volg je de officiële instructies. Verplaats dieren niet op eigen initiatief wanneer een aangifteplichtige ziekte wordt vermoed.
14. Wanneer moet je de dierenarts bellen?
Bij een varken is plotseling niet eten een belangrijk alarmsignaal. Wacht niet meerdere dagen af wanneer een dier zich anders gedraagt dan normaal. Vraag met spoed hulp bij onderstaande verschijnselen.
| Signaal | Aanpak |
|---|---|
| Niet willen opstaan, instorten of ernstige zwakte | Direct dierenarts bellen; dier rustig en veilig houden. |
| Benauwdheid, hevig hijgen of vermoedelijke oververhitting | Met spoed hulp regelen en voorzichtig koelen volgens veterinair advies. |
| Ernstige kreupelheid of niet op een poot willen steunen | Beweging beperken en snel laten onderzoeken. |
| Aanhoudende diarree, braken of tekenen van uitdroging | Dierenarts raadplegen, vooral bij jonge dieren. |
| Koorts, meerdere zieke dieren of plotselinge sterfte | Direct de dierenarts inschakelen; rekening houden met meldplichtige dierziekten. |
| Diepe wond, ernstige zwelling of bijtverwonding | Laat beoordelen en bescherm het dier tegen verder letsel. |
Geef geen humane pijnstillers of andere geneesmiddelen zonder voorschrift van de dierenarts. Geneesmiddelen die veilig lijken voor mensen of andere huisdieren kunnen voor varkens ongeschikt zijn.
15. Hygiëne en onderhoud van het verblijf
Een goed schoonmaakritme houdt de stal droger, helpt plaagdieren minder aantrekkelijk te maken en maakt afwijkingen sneller zichtbaar. Varkens kiezen vaak een vaste mestplek; benut die gewoonte door hun toiletzone dagelijks bij te houden.
Dagelijks
- Verwijder mest van veelgebruikte plekken en controleer de ligplaats.
- Ververs sterk vervuild stro en verwijder gemorst of achtergebleven voer.
- Spoel drinkbakken en controleer drinkinstallaties.
- Controleer hek, poorten, modderbad en de algemene veiligheid.
Wekelijks of naar behoefte
- Reinig voer- en drinkmiddelen grondiger en laat ze goed drogen.
- Verwijder nat stro en beoordeel of het hok volledig moet worden uitgemest.
- Controleer de bodem op scherpe voorwerpen, diepe gaten en onveilige verzakkingen.
- Loop de omheining en aansluitingen grondig na.
- Controleer hoeveel ruwvoer en krachtvoer nog schoon en droog op voorraad is.
Gebruik reinigings- of ontsmettingsmiddelen alleen wanneer ze geschikt zijn voor de betreffende ondergrond en dierenomgeving. Volg de gebruiksinstructies en voorkom dat dieren natte middelen opnemen. Voor stalmateriaal vind je bij Junai.nl de categorie ontsmetten en hygiëne.
16. Voortplanting en verantwoord fokken
De meeste houders van kunekunes hebben geen fokplannen nodig om plezier aan hun dieren te beleven. Een combinatie van een ongecastreerde beer en een vruchtbare zeug vraagt extra kennis, veilige scheidingsmogelijkheden en zorgvuldige voorbereiding. Een rustige beer kan in de fokperiode toch sterk en onvoorspelbaar zijn.
De voortplantingscyclus
- Berigheid: zeugen worden doorgaans ongeveer iedere 18-22 dagen berig wanneer zij niet drachtig zijn.
- Begin vruchtbaarheid: varieert per dier; sommige jonge gelten kunnen al vanaf enkele maanden berig worden. Houd jonge beren en gelten daarom tijdig apart.
- Draagtijd: gemiddeld ongeveer 114-116 dagen, vaak onthouden als drie maanden, drie weken en drie dagen.
- Worpgrootte: wisselt per zeug en wordt mede beïnvloed door leeftijd, gezondheid en voeding.
- Geboorte: een rustige, hygiënische afbigruimte en passende begeleiding zijn essentieel.
Laat een zeug niet dekken omdat ze voor het eerst berig is. De Nederlandse kunekune rasvereniging adviseert pas te fokken wanneer de zeug lichamelijk voldoende ontwikkeld is, doorgaans niet vóór twaalf maanden en vaak liever later. Beoordeel haar grootte, conditie, gezondheid en afstamming met een ervaren fokker en dierenarts.
Verantwoord omgaan met biggen
Biggen hebben biest, warmte en intensief contact met de moeder nodig. Volg na de geboorte of ieder biggetje voldoende drinkt en zich goed beweegt. Bij problemen is snelle veterinaire begeleiding noodzakelijk. Voor gezelschapsvarkens is spenen vanaf circa acht weken een verstandige praktijk, mits het dier goed groeit en zelfstandig eet; een wettelijke minimumleeftijd is niet hetzelfde als de beste leeftijd voor gedrag en welzijn.
Plan vóór het fokken hoe je alle biggen verantwoord plaatst, welke wettelijke registratie en oormerken nodig zijn en hoe je ongewenste dekkingen voorkomt. Kies fokdieren op gezondheid, temperament, verwantschap en functionele bouw, niet alleen op vachtkleur of het aantal piri piri.
17. Een kunekune kopen: waarop moet je letten?
Bezoek bij voorkeur de locatie waar de dieren opgroeien en vraag om de volwassen ouderdieren te zien. Een goede aanbieder kan uitleggen hoe de varkens worden gevoerd, met welke dieren ze samenleven en hoe de herkomst en identificatie geregeld zijn. Neem geen overhaaste beslissing omdat een big klein of bijzonder gekleurd is.
Controlelijst bij aanschaf
- De big of volwassen herplaatser is alert, beweegt soepel en heeft een passende lichaamsconditie.
- Ogen, huid, snuit, klauwen en mest vertonen geen duidelijke afwijkingen.
- Het dier is gewend aan soortgenoten en vertoont normaal sociaal gedrag.
- Je kent leeftijd, geslacht en eventuele castratiestatus.
- Het dier heeft de wettelijk vereiste identificatie en de administratieve gegevens zijn beschikbaar.
- Je ontvangt informatie over het huidige voer en bouwt eventuele veranderingen geleidelijk op.
- Je begrijpt welke transport-, aanvoer- en registratiehandelingen moeten gebeuren.
- Bij een raszuiver dier zijn eventuele stamboekgegevens en afkomst controleerbaar.
Een oudere herplaatser kan een goede keuze zijn, zeker wanneer je al ervaring met varkens hebt. Vraag dan naar het sociale verleden, gezondheid, karakter en de reden van herplaatsing. Neem liever een passend duo over dan één dier te isoleren.
18. Kunekune varkens houden in Nederland: wetgeving en registratie
Een kunekune valt als huisvarken onder de regels voor het houden van varkens. Het ras staat als gedomesticeerd varken binnen de toegestane diersoorten op de Nederlandse huis- en hobbydierenlijst. Dat betekent niet dat je zonder verdere voorwaarden overal varkens mag houden.
UBN en identificatie
- UBN: registreer de locatie waar je varkens houdt bij de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO), voordat de dieren arriveren. Ook hobbyhouders hebben een UBN nodig.
- Oormerken: varkens moeten volgens de I&R-regels correct geïdentificeerd zijn. Bij het verlies van een oormerk gelden termijnen voor vervanging.
- Aan- en afvoer: verplaatsingen moeten in beginsel binnen twee werkdagen bij een aangewezen databank worden gemeld.
- Bedrijfsregister: houd de vereiste gegevens over onder meer dierenaantallen, geboorten, verplaatsingen en identificatie bij en bewaar de administratie volgens de geldende termijn, in de regel minimaal drie jaar na de laatste wijziging.
- Vervoer: controleer vóór transport of een vervoersdocument, toestemming of aanvullende maatregel nodig is.
- Overlijden: laat afvoer en registratie volgens de voorschriften verlopen; begraaf een overleden varken niet zomaar zelf.
Voor een kleine hobbygroep kan de registratiecategorie recreatiehouder van toepassing zijn, maar aanvullende voorwaarden hangen af van het aantal dieren en de situatie. Raadpleeg de actuele instructies van RVO voordat je dieren aanschaft of vervoert. De verplichtingen kunnen veranderen.
Welfare, omgeving en bioveiligheid
Naast identificatie moet je zorgen voor passende huisvesting, voldoende voer en water, bewegingsvrijheid en bescherming tegen weersomstandigheden. Controleer ook bij de gemeente of de aanwezigheid van varkens en een eventuele schuilstal binnen het omgevingsplan passen. Buren, geur, geluid, mestopslag en de ligging van het perceel kunnen daarbij een rol spelen.
Voorkom dat bezoekers rechtstreeks van andere varkenslocaties met vuile laarzen of materialen jouw dieren betreden. Maak materiaal zo veel mogelijk bedrijfseigen, beperk contact met wilde zwijnen en neem actuele waarschuwingen over dierziekten serieus. Het verbod op keukenafval geldt ook als je maar twee kunekunes als hobby houdt.
Voor hulpmiddelen voor identificatie kun je de categorie dierherkenning voor varkens bekijken. Gebruik uitsluitend door de overheid erkende merken en leveranciers voor verplichte officiële identificatie; niet ieder herkenningsproduct is automatisch een goedgekeurd I&R-oormerk.
19. Kosten en tijdsinvestering
De aanschafprijs is slechts een klein deel van de totale verantwoordelijkheid. Reken voor twee dieren op kosten voor afrastering, weideonderhoud, schuilstal, bodembedekking, voer, schoon drinkwater, de dierenarts, eventueel transport en wettelijke administratie. Vooral een stevige schuilstal en goede omheining vormen vaak grotere eenmalige uitgaven.
| Kostenpost | Eenmalig of doorlopend? | Waarom belangrijk? |
|---|---|---|
| Weideafrastering en poorten | Eenmalig plus onderhoud | Veiligheid en voorkomen van ontsnappen. |
| Schuilstal, vloer en afwatering | Eenmalig plus onderhoud | Comfort bij regen, vorst en warmte. |
| Ruwvoer, krachtvoer en stro | Doorlopend | Dagelijkse voeding en droge ligplaats. |
| Drinkinstallatie en water | Eenmalig plus verbruik | Continue beschikbaarheid van schoon water. |
| Dierenarts en gezondheidszorg | Doorlopend en onverwacht | Preventie, onderzoek, klauwen en spoedzorg. |
| UBN, registratie en transport | Administratief en mogelijk terugkerend | Voldoen aan wettelijke verplichtingen. |
Reserveer daarnaast dagelijks tijd voor directe verzorging en observatie, en regelmatig extra tijd voor maaien, percelen wisselen, schoonmaak en reparaties. Bij vakantie heb je een vervanger nodig die ook de dieren en hun gezondheid kan beoordelen.
20. Veelgemaakte fouten en hoe je ze voorkomt
| Veelgemaakte fout | Beter aanpakken |
|---|---|
| Eén kunekune kopen omdat het dier zo aanhankelijk is | Houd minstens twee passende varkens samen. |
| Denken dat het dier klein blijft | Richt het erf in voor een volwassen varken van tientallen kilo's. |
| Uitsluitend gras geven zonder de voeding te beoordelen | Controleer kwaliteit en vul aan met passend volledig varkensvoer. |
| Extra brood of fruit geven bij elk contact | Werk met afgewogen porties en beloon uit het gewone rantsoen. |
| Keukenresten gebruiken om verspilling tegen te gaan | Voer geen swill; dit is wettelijk verboden. |
| Alleen een klein nachthok plaatsen | Combineer droge beschutting met voldoende weide en verrijking. |
| Geen zomerse schaduw of modderbad organiseren | Voorzie een koele ligplaats, beschutting en veilig zoelwater. |
| Een slap hek of open poort gebruiken | Maak de omheining stevig, controleer doorgangen en onderhoud stroomdraad. |
| Een zieke kunekune pas na dagen laten onderzoeken | Ken het normale gedrag en neem vroege alarmsignalen serieus. |
| Registratie pas regelen na aankoop | Controleer UBN, I&R, identificatie en vervoer vooraf. |
21. Praktisch verzorgingsschema voor kunekunes
| Frequentie | Wat doe je? |
|---|---|
| Elke ochtend | Gedrag en gezondheid controleren, water verversen of testen, afgewogen voer geven, omheining en schuilstal nalopen. |
| Elke avond | Beide dieren opnieuw bekijken, voeren volgens schema, schoon drinkwater garanderen, nat stro en mest waar nodig verwijderen. |
| Wekelijks | Ligplaatsen grondig inspecteren, drink- en voerbakken reinigen, klauwen en huid bekijken, verrijking wisselen en grasgroei beoordelen. |
| Maandelijks | Lichaamsconditie vastleggen, voerhoeveelheden evalueren, afrastering en stalonderdelen uitgebreider controleren. |
| Seizoensgebonden | Weiderotatie aanpassen, zomerse verkoeling of vorstbescherming voorbereiden en beschikbaar ruwvoer beoordelen. |
| Periodiek met dierenarts | Preventieplan, vaccinaties, mestonderzoek, klauw- en gebitscontrole waar nodig bespreken. |
22. Ervaring bij Junai.nl aanwezig
Bij Junai.nl staat de praktische inrichting van een veilige en comfortabele leefomgeving centraal. Bij het samenstellen van de benodigdheden voor kunekune varkens adviseren we om niet te beginnen bij speelgoed of extra's, maar bij de basis: een sterke afrastering, een droge schuilplek, geschikt voer en altijd schoon drinkwater. Daarna voeg je verrijking en oplossingen voor het onderhoud van de weide toe.
Zo voorkom je dat mooie accessoires belangrijke voorzieningen verdringen. Controleer altijd of de gekozen voerbak, stal of afrastering groot en stevig genoeg is voor volwassen dieren. Via de categorie alles voor varkens kun je de relevante artikelen overzichtelijk vergelijken.
23. Leuke weetjes over het kunekune varken
- Een Māori-naam: de naam kunekune verwijst naar de kenmerkende ronde lichaamsvorm.
- Opvallende kinlellen: de piri piri zijn een bekend raskenmerk, maar komen niet bij ieder dier in dezelfde vorm voor.
- Veel kleuren: een nest kan dieren met verschillende patronen en vachtkleuren opleveren.
- Sterke neus: varkens onderzoeken hun omgeving vooral met hun reukzin.
- Slimme leerlingen: kunekunes kunnen vaste commando's, voerplekken en dagritmes leren herkennen.
- Graag gezelschap: ze zoeken regelmatig lichamelijk contact met andere varkens.
- Grazen én wroeten: hun reputatie als rustige grazers betekent niet dat ze nooit grond omwerken.
- Bijna verloren ras: de kunekune is mede dankzij rasliefhebbers en stamboekfokkerij behouden gebleven.
- Langdurige groei: de uiteindelijke volwassen bouw is niet al op de eerste verjaardag bereikt.
- Individuele persoonlijkheden: ook binnen dit rustige ras verschillen nieuwsgierigheid, zelfvertrouwen en omgangsvormen per dier.
24. Samenvatting: de ideale verzorging in tien punten
- Houd altijd minimaal twee sociaal passende kunekunes.
- Voorzie een ruime, goed beheerde grasweide met mogelijkheden tot wisselbeweiding.
- Gebruik stevige, veilige afrastering en controleer die regelmatig.
- Bied een droge, geventileerde en tochtvrije schuilstal met voldoende stro.
- Zorg bij warm weer voor schaduw, vers water en een schoon modderbad.
- Combineer gras en ruwvoer met passend, uitgebalanceerd varkensvoer.
- Weeg krachtvoer en houd de lichaamsconditie in de gaten.
- Geef nooit keukenafval of etensresten.
- Observeer iedere dag gezondheid en gedrag en werk samen met een varkenskundige dierenarts.
- Regel UBN, oormerken, meldingen en andere wettelijke verplichtingen op tijd.
Alles voor de verzorging van jouw kunekunes: ontdek de categorieën varkensvoer, voer- en drinkbakken, schuilstallen en afrastering. Heb je hulp nodig bij het kiezen van geschikte producten? Neem contact op met de klantenservice van Junai.nl.
25. Veelgestelde vragen over kunekune varkens
1. Hoe groot wordt een kunekune varken?
Een volwassen kunekune weegt vaak ongeveer 60-100 kg en is doorgaans circa 50-70 cm hoog. Er bestaan verschillen tussen dieren en sommige exemplaren worden zwaarder. Het ras groeit gedurende meerdere jaren door. Reken daarom altijd op de ruimtebehoefte van een volwassen varken.
2. Kun je een kunekune varken alleen houden?
Nee, dat is niet aan te raden. Kunekunes zijn sterk sociale varkens die contact met minstens één passend varkensmaatje nodig hebben. Een mens, hond, geit of schaap vervangt die soortspecifieke sociale behoeften niet.
3. Hoeveel grond heb je nodig voor twee kunekune varkens?
De Nederlandse kunekune rasvereniging adviseert als uitgangspunt minstens 200 m² gras per dier, dus circa 400 m² bruikbare weide voor twee dieren. Een grotere oppervlakte is gunstiger bij natte bodem, beperkte grasgroei en wisselbeweiding. Dit is een praktische richtlijn en geen algemene wettelijke minimumoppervlakte.
4. Wat mag een kunekune varken eten?
Een kunekune eet gras en geschikt ruwvoer, aangevuld met volledig, voor de levensfase passend varkensvoer. Kleine hoeveelheden schone, speciaal als voer bestemde groenten kunnen aanvullend worden gegeven. Keukenafval, maaltijdresten en swill zijn in Nederland verboden als varkensvoer.
5. Hoeveel varkensbrokken eet een kunekune per dag?
Als algemeen rasrichtpunt wordt voor een volwassen dier ongeveer 1 kg krachtvoer per dag genoemd, verdeeld over voerbeurten. De werkelijk passende hoeveelheid kan lager of hoger zijn door grasaanbod, voerwaarde, lichaamsconditie, leeftijd en activiteit. Gebruik het voeradvies als uitgangspunt en pas het rantsoen individueel aan.
6. Kan een kunekune het hele jaar buiten blijven?
Ja, een gezond en aan het buitenleven gewend dier kan doorgaans het hele jaar buiten worden gehouden wanneer er altijd een geschikte, droge, tochtvrije schuilstal beschikbaar is. Bij zomerhitte zijn schaduw en verkoeling nodig; bij winterse omstandigheden moeten stro, droge looproutes en drinkwater op orde zijn.
7. Heeft een kunekune een modderbad nodig?
Een modderbad is sterk aan te raden, vooral bij warm weer. Het geeft de dieren een manier om af te koelen en natuurlijk zoelgedrag uit te voeren. Zorg voor een veilige, ondiepe en onderhouden modderplek. Drinkwater en een droge ligplaats moeten daarnaast altijd apart beschikbaar blijven.
8. Zijn kunekune varkens geschikt voor kinderen?
Kunekunes zijn vaak rustig, maar blijven krachtige dieren met een eigen rangorde en duidelijke grenzen. Kinderen kunnen onder deskundig toezicht helpen bij observeren en eenvoudige verzorging. Laat jonge kinderen nooit alleen bij de dieren en voorkom voeren vanuit de hand, achternazitten of ruwe spelletjes.
9. Moet je een kunekune varken registreren in Nederland?
Ja. Ook bij hobbyhouders gelden regels voor een UBN, officiële identificatie met oormerken, registratie en meldingen van aan- en afvoer. Controleer voor de aanschaf de actuele regels bij RVO, inclusief eisen aan vervoer en het bedrijfsregister. Vraag daarnaast na of het houden van varkens op jouw locatie is toegestaan.
10. Hoe oud wordt een kunekune varken?
Bij goede verzorging kan een kunekune vele jaren leven; denk aan een verantwoordelijkheid van ongeveer vijftien jaar en soms langer. Levensduur hangt onder meer samen met erfelijke aanleg, voeding, lichaamsconditie, omgeving en tijdige gezondheidszorg. Neem dus alleen kunekunes als je ook langdurig voor ze kunt zorgen.














Reacties
Wees de eerste om te reageren...