Kunekune varkens: verzorging, voeding & huisvesting

Kunekune varkens: verzorging, voeding & huisvesting

Compleet Caresheet

Kunekune varkens caresheet – complete gids voor het houden van hobbyvarkens

Kunekune varkens (ook wel geschreven als Kune Kune) zijn kleine tot middelgrote varkens uit Nieuw-Zeeland, populair als hobbyvarken door hun rustige karakter, compacte formaat en graasgedrag. Ze zijn harig, rond, vaak gevlekt en hebben soms kenmerkende lellen (piri piri) onder de kin.

Ondanks hun schattige uiterlijk zijn kunekunes volwaardige varkens met serieuze verzorgings- en huisvestingsbehoeften én duidelijke wettelijke verplichtingen. In deze caresheet lees je alles over:

  • Oorsprong en natuurlijke leefwijze van het kunekune varken
  • Uiterlijk, gewicht en karakter
  • Weide, hok en schuilstal (met producttips van Junai.nl)
  • Voeding en voerschema voor verschillende seizoenen
  • Gezondheid, lichaamsconditie en basisverzorging
  • Voortplanting en verantwoord fokken (of juist niet)
  • Wet- en regelgeving in Nederland (UBN, I&R en welzijnseisen)
  • Veelgemaakte fouten, tips en leuke weetjes

Alle genoemde producten zijn direct verkrijgbaar via Junai.nl – alles voor varkens.


1. Oorsprong en natuurlijke leefomgeving

Het kunekune varken komt oorspronkelijk uit Nieuw-Zeeland en is nauw verbonden met de Maori-cultuur. De naam “kunekune” betekent in het Maori letterlijk “vet en rond”.

  • Land van herkomst: Nieuw-Zeeland
  • Type dier: huisvarken (Sus scrofa domesticus), klein tot middelgroot ras
  • Oorsprong: waarschijnlijk afstammend van Aziatische varkensrassen die via handel naar Nieuw-Zeeland zijn gebracht
  • Gebruik: vroeger vlees en vet, tegenwoordig vooral hobbyvarken en landschapsbegrazer

Kunekunes zijn echte graseters. In tegenstelling tot veel andere varkensrassen wroeten zij veel minder en grazen ze vooral, waardoor ze een weide relatief netjes houden en minder snel “omploegen”.

2. Uiterlijk en kenmerken

Kunekune varkens zijn direct herkenbaar aan hun compacte, ronde lichaamsbouw en opvallende beharing.

  • Schofthoogte: ca. 60 – 76 cm
  • Gewicht volwassen dier: ongeveer 55 – 95 kg (beren meestal zwaarder dan zeugen)
  • Bouw: kortbenig, rond en compact
  • Vacht: lang tot kort, vaak (licht) krullend
  • Kleuren: zwart, bruin, ginger (rood), crème, bont, black-and-tan en diverse gevlekte varianten
  • Hoofd: korte, iets opgewipte snuit; oren half hangend of rechtop
  • Piri piri (lellen): één of twee lellen onder de kin komen vaak voor, maar niet bij alle dieren
  • Tanden/slagtanden: (vooral bij beren) hoektanden kunnen langer worden en soms bijgewerkt moeten worden door een dierenarts

Karakter

Kunekune varkens staan bekend om hun rustige, vriendelijke en sociale karakter.
Ze zijn:

  • Meestal zachtaardig en goed te hanteren
  • Intelligent en leergierig (ze leren snel routines en trucjes)
  • Erg sociaal – naar soortgenoten én vaak naar mensen
  • Gevoelig voor stress bij lawaai, onrust of harde behandeling

Door dit karakter zijn kunekunes erg geschikt als familie- of erfvarken, mits je hun behoeften (ruimte, soortgenoot, voeding, schuilplaats) serieus neemt.


3. Gedrag en sociale behoeften

Groepsdier – nooit alleen houden

Een varken is een uitgesproken kuddedier. Kunekunes mogen nooit alleen worden gehouden. Idealiter houd je minimaal twee dieren samen, bijvoorbeeld:

  • Twee zeugen
  • Een gecastreerde beer met een (of meerdere) zeug(en)
  • Twee gecastreerde beren

Zorg voor een stabiele groep en zet niet zomaar telkens nieuwe dieren erbij, om rangordegevechten en stress te beperken.

Activiteit en verrijking

Kunekunes:

  • Grazende uren per dag: veel tijd lopend en snuffelend in de weide
  • Slapen graag samen in een droog, beschut hok op een dikke laag stro of ander strooisel
  • Vinden het heerlijk om een modderpoel te hebben om in af te koelen
  • Hebben baat bij verrijking: wilgentakken, boomstronken, speelbollen, ruiven met hooi, enz.

Bij verveling kunnen varkens gaan slopen of kauwen op hout, palen of zelfs staart en oren van soortgenoten. Voldoende ruimte, ruwvoer en verrijking zijn daarom essentieel.


4. Huisvesting & weide

4.1 Minimale ruimte en weidebeheer

Kunekunes zijn relatief licht voor varkens en echte grazers, maar ze hebben nog steeds flink wat ruimte nodig. Een richtlijn:

  • Minimaal: ca. 300 – 500 m² per twee kunekunes (alleen voor sober gebruik)
  • Comfortabel: liever 500 – 1.000 m² of meer, zeker als de weide het hele jaar wordt gebruikt

Een volwassen kunekune kan in voorjaar en zomer grotendeels leven van gras; voor een groep van vijf kunekunes wordt ca. 0,5 hectare genoemd. Voor 2 dieren is 300–500 m² een werkbare ondergrens, mits je goed bijvoert en het land laat herstellen (rotatieweiden).

Weide-inrichting

  • Stevige grasmat met verschillende grassen en eventueel kruiden
  • Bij voorkeur meerdere stukken (rotatie): zodat een deel kan herstellen
  • Schaduwplekken (bomen, afdak) om verbranding en oververhitting te voorkomen
  • Droge plek rond de schuilstal (eventueel verharding of dik strooisel)

4.2 Schuilstal of hok

Kunekunes hebben het hele jaar door behoefte aan een drogere, beschutte ligplek. Denk aan een schuilstal of nachtverblijf met:

  • Afmetingen (indicatie): minimaal ca. 4 m² voor 2 kunekunes, liever 6–8 m² zodat ze ruim kunnen liggen
  • Droge, tochtvrije ligging, maar wel goede ventilatie
  • Verhoogde drempel of rand tegen inregenen
  • Dikke laag strooisel: stro, hennepstrooisel of vlas

Bij Junai vind je stevige, duurzame schuilstallen die zeer geschikt zijn voor varkens en andere boerderijdieren, bijvoorbeeld de houten Voldux-schuilstallen in verschillende formaten:

4.3 Bodembedekking in stal of nachthok

Een droge, warme ligplek voorkomt klauwproblemen, luchtweginfecties en schaafplekken. Geschikte bodembedekking:

  • Tarwestro (klassiek, zacht en isolerend)
  • Hennepstrooisel: stofarm, sterk absorberend, ideaal in dunnere laag
  • Vlasstrooisel of houtkrullen (vooral als onderlaag, met stro erover)

Bij Junai kun je diverse soorten stalstrooisel bestellen, bijvoorbeeld:

4.4 Afrastering

Varkens zijn sterke dieren. Een goede afrastering is essentieel:

  • Minimale hoogte: ca. 90–100 cm, liever hoger
  • Stevig gaas of houten hekwerken met voldoende palen
  • Eventueel laag schrikdraad aan de binnenzijde (op neushoogte) om drukken en graven te voorkomen
  • Geen scherpe randen of uitstekende punten

Zorg dat de weide veilig is: geen giftige planten (taxus, buxus, eikels in grote hoeveelheden, rododendron, etc.), geen open water waar varkens in vast kunnen raken, geen losse kabels of rommel.

4.5 Modderpoel & zomerse hitte

Een modderpoel is géén luxe, maar een echte basisbehoefte. Varkens kunnen niet zweten en koelen af via modder en water op de huid. In de zomer:

  • Zorg voor een modderpoel of ondiep bad (bijvoorbeeld een ingegraven kuip)
  • Bied altijd schaduw en koel drinkwater
  • Voer bij hoge temperaturen liever ’s ochtends vroeg en ’s avonds laat

5. Voeding van kunekune varkens

5.1 Basis: gras + beperkt krachtvoer

Kunekunes zijn unieke varkens omdat ze veel beter dan andere rassen op gras kunnen leven. In lente en zomer kan een volwassen kunekune bij goede weidekwaliteit grotendeels van gras leven.

Toch hebben ze vaak aanvullend voer nodig, zeker:

  • In herfst en winter (minder voedingswaarde in gras)
  • Bij schralere weiden of beperkte oppervlakte
  • Bij drachtige of zogende zeugen
  • Bij groeiende biggen en jonge dieren

De basis komt dan neer op:

  • Gras (weide)
  • Ruwvoer: voordroog hooi (liever dan kurkdroog hooi), eventueel luzerne of weidehooi
  • Hobbyvarkensvoer (muesli of brok), in kleine, gecontroleerde hoeveelheden

5.2 Hoeveelheid voer – richtlijnen

Voor minivarkens en hobbyvarkens wordt vaak geadviseerd om ongeveer 1–2% van het lichaamsgewicht per dag aan krachtvoer te geven.

  • Varken van 40 kg → ca. 400–800 g voer per dag
  • Varken van 60 kg → ca. 600–1.200 g voer per dag

Voor kunekunes die veel gras eten, ligt de behoefte aan krachtvoer vaak dichter bij 1% dan bij 2%. Overgewicht is een veelvoorkomend probleem bij dit ras.

5.3 Voerschema (voorbeeld)

Levensfase Voeding Hoe vaak per dag Opmerkingen
Biggen (na spenen, 8–14 weken) Speciaal biggen- of opfokvoer, klein beetje hooi 2–3x Goed verdelen over de dag, niet te snel laten groeien
Jonge groeiende dieren Hobbyvarkensvoer + onbeperkt gras/ruwvoer 2x Lichaamsconditie goed volgen, liever langzaam groeien
Volwassen, niet-drachtig Hoofdvoer: gras + hooi, 1% lichaamsgewicht aan varkensvoer 2x Eventueel één derde portie in de namiddag bij koud weer
Drachtige zeug Meer ruwvoer + extra varkensvoer 2–3x In laatste maand dracht rustig opbouwen in overleg met dierenarts
Zogende zeug Ruim hooi + verhoogde dosis varkensvoer 3–4x Afhankelijk van aantal biggen; altijd vers water
Senior/varken met overgewicht Veel ruwvoer, weinig of geen extra’s, beperkt varkensvoer 2x Langzaam afvallen, veel beweging, overleg bij twijfel met dierenarts

5.4 Wat mogen kunekune varkens wel en niet eten?

Wel (met mate):

  • Gras en weidekruiden
  • Voordroog hooi of goed hooi
  • Hobbyvarkensvoer of varkensbrok van goede kwaliteit
  • Kleine hoeveelheden groente (wortel, komkommer, courgette, koolsoorten met mate)
  • Beperkt fruit (appel, peer) – vanwege suikers liever als traktatie

Niet of zeer beperkt:

  • Veel brood, pasta of koek – snel dikmakend en eenzijdig
  • Keukenafval en gekruid/gezouten voedsel
  • Rauwe aardappelschillen, rauwe bonen, ui, prei, knoflook
  • Schimmelig voer of bederfelijke etensresten
  • Giftige planten (taxus, rododendron, buxus, nachtschade, eikels in grote hoeveelheden, etc.)

Bestel geschikt varkensvoer eenvoudig online via:

5.5 Drinkwater & voerbakken

Varkens moeten 24/7 beschikken over vers, schoon drinkwater. Een varken drinkt al snel 5–15 liter per dag, afhankelijk van temperatuur, grootte en dieet.

Gebruik stevige, schokbestendige bakken of automatische drinkbakken. Junai heeft een uitgebreid assortiment:


6. Gezondheid & verzorging

6.1 Lichaamsconditie en overgewicht

Kunekune varkens worden zeer snel te dik bij te veel krachtvoer of snacks. Overgewicht vergroot de kans op:

  • Gewrichtsproblemen
  • Klauw- en pootklachten
  • Huidplooiproblemen
  • Verkorte levensduur

Controleer regelmatig de lichaamsconditie: je moet ribben licht kunnen voelen maar niet duidelijk zien; de rug moet niet extreem rond of ingevallen zijn.

6.2 Klauwverzorging

Op zachte, natte grond slijten klauwen vaak onvoldoende af. Controleer daarom regelmatig:

  • Of klauwen niet te lang, scheef of ingegroeid zijn
  • Of er geen ontstekingen, warmte of stank aanwezig zijn

Klauwbekappen laat je idealiter doen door een ervaren varkenshouder, hoefsmid of dierenarts. Gebruik bij verzorging alleen goed schoon gereedschap.

6.3 Huid, vacht en parasieten

  • Een gezonde vacht is glanzend, vol en niet extreem schilferig
  • Varkens verharen 1–2 keer per jaar – tijdelijk kale plekken kunnen dan voorkomen
  • Controleer regelmatig op luizen, mijten of andere huidparasieten
  • Een modderpoel helpt tegen insecten en zonverbranding

Bij wondjes of schrammen kun je de huid ondersteunen met geschikte producten uit de apotheek – wondverzorging voor varkens.Let op: raadpleeg bij grotere wonden altijd een dierenarts.

6.4 Vaststellen van ziekte – basisuitrusting

Handige hulpmiddelen voor monitoring van je varkens:

Bij twijfel over gezondheid (sloom, niet eten, kreupelheid, benauwdheid, diarree, braken, afwijkend gedrag) altijd snel contact opnemen met een dierenarts met ervaring in varkens.

6.5 Vitamines & supplementen

In principe kun je met goed basisvoer en ruwvoer alle voedingsstoffen dekken. In sommige situaties (dracht, ziekte, beperkte weide) kan een aanvullend supplement nuttig zijn in overleg met dierenarts of voedingsdeskundige.

Let op: gebruik supplementen nooit als vervanging van een bezoek aan de dierenarts, maar enkel als ondersteuning wanneer dat passend is.


7. Voortplanting & fokken

Fokken met kunekune varkens vraagt kennis, ruimte en planning. Doe dit alleen als je:

  • Een goed doordacht fokdoel hebt (gezondheid, rasbehoud)
  • Genoeg ruimte en middelen hebt voor het houden of plaatsen van alle biggen
  • Samenwerkt met ervaren fokkers en een dierenarts

7.1 Dracht & worp

  • Draagtijd: ongeveer 3 maanden, 3 weken en 3 dagen (ca. 114 dagen)
  • Grootte worp: gemiddeld 3–12 biggen
  • Zeugen kunnen erg zorgzaam zijn, maar hebben een rustige, veilige werpstal nodig

Zorg rond de worp voor:

  • Schone, dikke laag stro of zacht strooisel
  • Rust in de stal, weinig bezoekers
  • Bescherming van biggen tegen kou en tocht
  • Duidelijke afspraken met de dierenarts voor noodgevallen

7.2 Castratie & voortplantingsmanagement

  • Beren worden vaak op jonge leeftijd gecastreerd om ongewenste dekking en agressie te beperken.
  • Castratie moet altijd door een dierenarts of bevoegd persoon worden uitgevoerd, volgens de geldende regelgeving.
  • Gebruik van castratiemateriaal (bijv. ringen, instrumenten) vereist kennis en mag nooit zonder deskundige begeleiding plaatsvinden. Junai heeft diverse materialen, maar het plan maak je altijd samen met de dierenarts.

Bekijk eventueel de categorie medische instrumenten – castreren als je beroepsmatig of onder begeleiding van een professional werkt.


8. Wetgeving & registratie in Nederland

Het houden van varkens, ook hobbymatig, valt in Nederland onder strikte regels. Dit geldt dus ook voor kunekune varkens.

8.1 UBN (Uniek Bedrijfsnummer)

  • Iedere locatie waar varkens worden gehouden, moet een UBN hebben.
  • Dit geldt ook voor hobbyhouders met slechts 1 of 2 varkens.
  • Voor hobbyhouders is er een speciale RE-status (recreatief) die je bij RVO kunt aanvragen.

8.2 Identificatie & registratie (I&R)

  • Varkens moeten geregistreerd worden in het I&R-systeem.
  • Aan- en afvoer (verkoop, aankoop, slacht, sterfte) moeten gemeld worden.
  • Voor transport gelden aanvullende regels (gezondheidsstatus, vervoersdocumenten).

8.3 Welzijnseisen

De NVWA houdt toezicht op het welzijn van varkens, zowel bij bedrijven als hobbyhouders. Belangrijke punten:​

  • Voldoende ruimte, droog ligbed en beschutting
  • Toegang tot water en geschikt voer
  • Voldoende sociaal contact met soortgenoten
  • Hokverrijking en mogelijkheid tot natuurlijk gedrag
  • Verbod op onnodig lijden en verwaarlozing

Controleer altijd de meest recente regels via RVO en NVWA, zeker vóórdat je varkens aanschaft.


9. Ervaring bij Junai.nl aanwezig

Bij Junai.nl helpen we dagelijks klanten die (hobby)varkens houden – van kleine erfjes met twee kunekunes tot grotere groepen weidevarkens. Ons team heeft ervaring met:

  • Inrichten van weides met passende schuilstallen en bodembedekking
  • Keuze van geschikt hobbyvarkensvoer en voerbakken
  • Basisgezondheidsondersteuning met toegestane, registratievrije middelen
  • Praktische oplossingen voor hygiëne, wondverzorging en instrumenten

Twijfel je over welk product het beste past bij jouw kunekunes? Neem gerust contact op met onze klantenservice voor persoonlijk advies.


10. Veelgemaakte fouten & praktische tips

Veelgemaakte fouten

  • Varken alleen houden: leidt tot eenzaam, gestrest dier.
  • Te weinig ruimte/weide: weide raakt snel stuk, dieren vervelen zich en worden dik.
  • Te veel krachtvoer en snacks: ernstig overgewicht, zeker bij kunekunes.
  • Geen UBN/I&R: in strijd met de wet en risicovol bij controle of ziekte-uitbraak.
  • Onvoldoende beschutting: natte, koude of oververhitte dieren.
  • Onveilige afrastering: ontsnappende varkens of verwondingen.

Praktische tips

  • Houd altijd minimaal twee kunekunes samen.
  • Voer kleine porties krachtvoer, verspreid over 2–3 momenten per dag.
  • Gebruik stevige rubberen voerbakken die niet snel omkantelen.
  • Zorg voor voldoende verrijking: takken, boomstronken, speelgoed.
  • Check 1–2 keer per week de klauwen, huid, ogen en ademhaling.
  • Maak meerdere, kleinere weides en roteer om de grasmat te sparen.
  • Lees ook de blog van Junai over hobbyvarkens: Waarom een hobbyvarken houden echt een goed idee is.

11. Leuke weetjes over kunekune varkens

  • De naam “kunekune” betekent “vet en rond” in de Maori-taal – een perfecte beschrijving van hun bouw.
  • Kunekunes werden bijna uitgestorven in de jaren ’80; een gericht fokprogramma redde het ras.
  • Het zijn échte grazers: in tegenstelling tot veel andere varkens wroeten ze veel minder en begrazen ze de weide zoals kleine “schaap-varkens”.
  • Sommige kunekunes hebben geen slagtanden, andere juist wel – dat verschilt per dier.
  • Ze hebben een goed geheugen en kunnen complexe taken leren, wat ze interessante dieren maakt voor training en dierentherapie.

12. Samenvatting

Kunekune varkens zijn vriendelijke, slimme en relatief kleine varkens die vooral gras eten en daardoor ideaal zijn als hobbyvarken – mits je hun behoeften serieus neemt. Ze hebben:

  • Ruime weide (liefst rotatie), betrouwbare afrastering en een droge schuilstal
  • Een soortgenoot – nooit alleen houden
  • Gras en ruwvoer als basis, met beperkt varkensvoer
  • Goede gezondheidszorg, aandacht voor lichaamsconditie en klauwen
  • Registratie (UBN, I&R) en naleving van welzijnsregels

Met de juiste verzorging kun je jarenlang genieten van deze sociale, charmante dieren op je erf of in je grote tuin.


13. Hulp nodig? Junai denkt met je mee

Ben je bezig met het inrichten van een weide voor kunekune varkens of wil je overstappen op andere bodembedekking of voer? Bij Junai vind je alles wat je nodig hebt, van schuilstallen en bodembedekking tot varkensvoer en apotheekproducten voor varkens.

Neem gerust contact op met onze klantenservice voor persoonlijk advies over producten en praktische inrichting van jouw varkensverblijf.


Veelgestelde vragen over kunekune varkens

1. Hoeveel ruimte hebben twee kunekune varkens minimaal nodig?

Als absolute ondergrens kun je voor twee kunekunes ongeveer 300–500 m² weide aanhouden, mits je de weide goed beheert en bijvoert met hooi en varkensvoer. Comfortabeler is 500–1.000 m² of meer, zeker als ze vrijwel het hele jaar buiten lopen. Bij grotere oppervlakken kunnen ze meer van hun voedsel uit gras halen en blijft de grasmat langer mooi.

2. Kun je een kunekune varken alleen houden?

Nee. Varkens zijn uitgesproken kuddedieren en een kunekune alleen wordt eenzaam en ongelukkig. Houd altijd minimaal twee varkens samen, bijvoorbeeld twee zeugen of twee gecastreerde beren. Een geit of schaap is geen volwaardige vervanger voor een varkensmaatje.

3. Welk voer is het meest geschikt voor kunekune varkens?

De basis bestaat uit gras en ruwvoer (voordroog hooi), aangevuld met een beperkt hoeveelheid hobbyvarkensvoer of varkensbrok (ongeveer 1% van het lichaamsgewicht per dag, afhankelijk van de situatie). Vermijd veel brood en restafval, omdat kunekunes snel te dik worden. Je kunt passend voer vinden in de categorie varkensvoer bij Junai.

4. Hoe voorkom ik dat mijn kunekune te dik wordt?

Weeg je varken regelmatig en beoordeel de lichaamsconditie: je moet de ribben kunnen voelen, maar niet duidelijk zien. Geef weinig krachtvoer, veel ruwvoer, laat ze veel bewegen en beperk snacks. Pas indien nodig de hoeveelheid voer aan in overleg met een dierenarts of voedingsdeskundige.

5. Heb ik een UBN nodig als ik maar één of twee kunekune varkens houd?

Ja. In Nederland moet ieder adres met varkens een UBN hebben, óók als het om 1 of 2 hobbyvarkens gaat. Je vraagt dit UBN (meestal met RE-status voor hobby) aan via RVO. Daarnaast moeten de dieren worden aangemeld in het I&R-systeem.

6. Kunnen kunekune varkens het hele jaar buiten blijven?

Ja, mits ze een goede schuilstal hebben: droog, tochtvrij, met een dikke laag strooisel en voldoende beschutting tegen wind en regen. In de winter hebben ze vaker extra ruwvoer en soms wat meer krachtvoer nodig om op temperatuur te blijven. In de zomer zijn schaduw en een modderpoel essentieel tegen oververhitting.

7. Kun je kunekune varkens samen houden met andere dieren (bijv. kippen of geiten)?

Dat kan, mits de weide groot genoeg is en de dieren rustig aan elkaar gewend raken. Let erop dat varkens veel krachtvoer van andere dieren erg lekker vinden en voer daarom bij voorkeur gescheiden. Zorg bovendien dat alle diersoorten hun eigen schuilplek en voerbakken hebben.

8. Vanaf welke leeftijd mogen kunekune varkens naar buiten?

Biggen blijven de eerste weken bij de zeug in een beschutte stal. Daarna kunnen ze geleidelijk aan buiten gewend worden, afhankelijk van weer en gezondheid. Zorg altijd voor een warme, droge schuilplek en let op dat jonge biggen niet afkoelen of verdrinken in waterpartijen.

9. Moet een kunekune beer altijd gecastreerd worden?

In de meeste hobby-situaties is castratie sterk aan te raden: intacte beren kunnen sterke geurtjes ontwikkelen, drukker gedrag vertonen en ongewenst dekken. Castratie moet altijd door een dierenarts of bevoegd professional gebeuren en moet zorgvuldig worden gepland. Gebruik van castratiemateriaal hoort alleen thuis in handen van deskundigen.

10. Waar vind ik meer informatie en producten voor mijn kunekune varkens?

Voor praktische tips over hobbyvarkens kun je de blog van Junai lezen: Waarom een hobbyvarken houden echt een goed idee is. Voor producten als schuilstallen, bodembedekking, voer, voerbakken en apotheekartikelen kun je terecht op de pagina Alles voor uw varkens.

Reacties

Wees de eerste om te reageren...

Laat een reactie achter
* Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.